Geschreven door Ber

Zet jij als marketeer of ondernemer verschillende kanalen in om verkeer naar je website te leiden? Dan maak je ongetwijfeld veel gebruik van verschillende code (tags) die op je website geplaatst moet worden. Het nadeel hiervan is dat het plaatsen van eentag op je site vaak een technische klus is waarbij je afhankelijk bent van developers. Daar biedt Google Tag Manager de perfecte oplossing voor aan. Door de tag van Google Tag Manager op je website te plaatsen wordt het een stuk eenvoudiger om zelf Google Analytics, een Facebook of LinkedIn pixel of structured data te implementeren.

Door met een Google account in te loggen via google.com/tagmanager kun je een nieuw account aanmaken. Een eenvoudig proces waarbij je uiteindelijk twee codes krijgt die op je website geplaatst dienen te worden. Nu is Google tag Manager juist bedoeld om te voorkomen dat je zelf code op je website moet plaatsen. Bij het aanmaken van je account kun je deze code dan ook direct doorsturen naar een developer. Toch zelf aan de slag? Neem dan de handleiding door.

Code Google Tag Manager deel 1

Het eerste deel in de head

Code Google Tag Manager deel 2

Het tweede gedeelte meteen na de opening van de body

5 voordelen van Google Tag Manager

  1. Snelheid van plaatsing. De Tag Manager zorgt ervoor dat je als marketeer veel flexibeler bent. Je bent niet meer afhankelijk van het development team waardoor je vaak sneller tags kunt plaatsen.
  2. Snelheid van pagina’s. Door het toevoegen van verschillende tags is het mogelijk dat de snelheid van je website aangetast wordt. Het mag ondertussen geen geheim meer zijn dat de snelheid van je site van groot belang is voor je online zichtbaarheid.
  3. Georganiseerd. In plaats van tags over je gehele website, maakt de Tag Manager het mogelijk alles te organiseren in een simpele omgeving. Hierdoor zoek jij je niet meer helemaal suf of en waar bepaalde tags staan.
  4. Betrouwbaar. Het toevoegen van tags aan je website kan ervoor zorgen dat je site crasht. Door eerst te testen is de kans veel minder groot dat er fouten ontstaan. Daarnaast kun je via de manager juist sneller handelen wanneer een tag voor problemen zorgt.
  5. Gratis. Het werkt en is ook nog eens gratis. Des te meer reden om Google Tag Manager altijd te gebruiken, ook al start je alleen met de Google Analytics tag.

Tags, triggers, variabelen en de data layer voor Google Tag Manager

De Tag Manager van Google bestaat uit een aantal elementen. Deze elementen zorgen ervoor dat tags geactiveerd kunnen worden via GTM. De triggers, variabelen en de data layer (gegevenslaag) zorgen ervoor dat Google Analytics, Facebook, LinkedIn, AdWords of andere tools data kunnen verzamelen via de website. Hoe werkt het? Dat zie je hieronder in een simpel overzicht:

  • Tags: codefragment (bv.: AdWords pixel, Analytics code, Facebook pixel, etc.);
  • Triggers: regel die de tag activeert;
  • Variabelen: voorwaarde waaraan een trigger moet voldoen;
  • Data layer: een gegevenslaag op je website om specifieke data door te geven aan de Tag Manager (zoals bijvoorbeeld de exacte prijs van een product).

Een goed voorbeeld is de Google Analytics tag. Wil je namelijk data verzamelen in Analytics dan zul je in eerste instantie het verkeer op al je pagina’s willen meten. Dat wil zeggen dat op alle pagina’s op je website de GA-tag geactiveerd moet worden zodra een pagina bekeken wordt door een bezoeker. Om dat te verduidelijken heb ik hieronder uitgewerkt hoe dat eruitziet voor de Tag Manager:

  1. Tag: Google Analytics tag. In Tag Manager is voor GA al een vaste tag geconfigureerd, waarbij je alleen de UA-code hoeft toe te voegen.
  2. Trigger: paginaweergave. Wanneer een pagina wordt bekeken (weergegeven), wil je dat de Analytics tag geactiveerd wordt.
  3. Variabele: alle paginaweergaven. Je wilt tevens dat dit op alle pagina’s gebeurt.

In dit geval is de data layer geen vereiste om de tag te laten werken. Wil je binnen Analytics bijvoorbeeld verbeterde e-commerce of klikken op specifieke klikken op je website meten, dan is het van belang dat de data layer juist opgebouwd is. In het volgende voorbeeld zul je ondervinden waarom dat van belang is.

Een OnClick event: maak klikken op buttons zichtbaar in Google Analytics

Als marketeer of ondernemer ben je constant bezig om je resultaten te verbeteren. De online omgeving geeft ons hier alle mogelijkheden toe. Wanneer je Google Analytics gebruikt, kun je op een redelijk eenvoudige wijze zien wat verkeer op je website doet. Toch is het bij sommige handelingen van belang dat er een aantal extra instellingen gedaan worden. Een voorbeeld hiervan is het klikken op een specifieke button. Denk hierbij bijvoorbeeld aan een bel-, koop- of inschrijfbutton. Om die klikken inzichtelijk te maken moeten we een OnClick event aanmaken die we in Analytics uiteindelijk weer terug kunnen zien. De Google Tag Manager biedt hierbij ondersteuning. Een tip; voordat je gaat beginnen met het instellen van tags binnen de Tag Manager, bedenk je dan goed wat je precies wil activeren. Voor een klik op een button willen we het volgende inzichtelijk maken: na de klik op een button zal er informatie doorgestuurd worden naar Google Analytics. Belangrijk: definieer de klik op de button (variabele), definieer de button en pagina waar deze button staat (trigger) en definieer waar deze informatie naartoe verzonden moet worden (tag).

In 9 stappen een OnClick event aanmaken in Google Tag Manager

  1. Creëer een generieke “klik” trigger in GTM
  2. Definieer de variabelen in GTM
  3. Klik op Voorbeeld in GTM
  4. Definieer de button op de website
    • Klik op de button (open in nieuw tabblad)
    • Bekijk elementen op de pagina van de button
  5. Herdefinieer de “klik” trigger in GTM
  6. Definieer GA tracking code
    • Maak een variabele aan die je vervolgens altijd kunt gebruiken
  7. Maak een nieuwe tag voor GA
    •  GA – Gebeurtenis – “klik op button” Standaardiseren
  8. Kies in dropdown Gebeurtenis
    • Voer categorie, actie, label, waarde in (dit kun je Analytics gebruiken om het OnClick event om te zetten naar een doel)
  9. Kies de juiste trigger (zie stap 5)

Een aantal tips voor het beste gebruik van Google Tag Manager

Standaardiseren; probeer tags, triggers en variabelen meteen vanaf het begin volgens een vast stramien te benoemen. Dat zal je uiteindelijk veel voordelen bieden en de tool zo overzichtelijk mogelijk te houden. Kies bijvoorbeeld ervoor om tags volgens een bepaalde logica op te bouwen. Voorbeeld: Tool | Trigger | (specifieke pagina). Google Analytics en een OnClick zullen er dan zo uitzien: Google Analytics | Alle pagina’s (GA tag) en Google Analytics | OnClick | “Buttonnaam”.